Stabiliteit
Dit is het vermogen van de wervelkolom en het bekken om bewegingen toe te laten zonder dat er schade optreedt aan weefsels en om pijn te voorkomen.
Zowel de gewrichtsbanden als de spieren leveren een bijdrage aan de stabiliteit.
Stabiliteit door gewrichtsbanden
De gewrichtsbanden zijn door richting waarin ze lopen in staat de gewrichtsbewegingen te beperken tot die positie waarin het gewricht gewicht kan dragen. Zo wordt voorkomen dat er geen (dreigende) schade ontstaat aan weefsels en pijn kan optreden.

Stabiliteit door spieren
Door een juiste spierspanning met een juiste timing wordt het lichaam en ook de gewrichten behoed voor ongewilde bewegingen. Niet alle spieren in de lendenwervelkolom en het bekken worden ingeschakeld om deze bewegingen te bewaken, er is een indeling van spieren in lokale spieren en globale spieren.
Met name de lokale spieren leveren een bijdrage aan de stabiliteit van de romp en het bekken. Dit zijn de dwarse buikspieren, de onderste spier naast de wervelkolom, de bekkenbodem en het middenrif.
Wanneer lokale spieren geen goede spierspanning of timing hebben kunnen ze niet alert reageren op ongewilde bewegingen in de gewrichten. Er is dan sprake van verlies aan stabiliteit.
Mensen zullen toch blijven functioneren ondanks het verlies van stabiliteit en zullen er toch krachten worden overgedragen van de romp naar het bekken. Het lichaam zal zich aanpassen aan de veranderde stabiliteit en gaat compenseren door de globale spieren in te schakelen (schuine buikspieren, bekkenbodemspieren, bilspieren). Dit kan het functioneren en bewegen van het lichaam beïnvloeden, de kracht verminderen en zelfs invloed hebben op continentie en obstipatie.
In de praktijklessen wordt hier ook aandacht aan besteedt.